In de afgelopen jaren hebben veel gasten bij ons een vakantie doorgebracht. Sommige gasten zien we ieder jaar weer terug en hebben we een band mee opgebouwd. Dit is het verhaal van een bijzondere gast.

Ton komt al jaren in de zomer met zijn vrouw Annelies en hun dochters een weekje naar de Heerenkamer. Het eerste jaar kwamen ze met een aanhanger met fietsen het erf oprijden. Ik vermoedde dat het groot gezin met fanatieke fietsers zou zijn, maar het verhaal bleek anders. Iedereen in het gezin fietst graag een tochtje op vakantie, alleen Ton rijdt dagelijks bijna 100 km. s ’Morgens en s ’avonds een mountainbike tochtje van 35 km en met zijn gezin ook nog eens 30 km. Ton op de gewone fiets en Annelies op de e-bike om hem bij te houden. En dat al jaren lang. Ton houdt van fietsen. Ook naar zijn werk als timmerman fietst hij het hele jaar iedere dag door regen, weer en wind over de dijk bij Goeree-Overflakkee.

Naast zijn hobby fietsen blijkt Ton een echte natuurliefhebber te zijn. Een paar jaar geleden bracht hij ons zelfgemaakte nestkastjes mee. Juist in een tijd dat wij veel processie rupsen hadden, en iedereen nestkastjes ophing om met vogels de rupsen overlast aan te pakken, kwam Ton met degelijke nestkastjes aan. Daar waren wij heel blij mee. Er is niets mooier dan vanuit je veranda in het voorjaar de moeder vogel haar jongen te zien uitbroeden en ook nog eens helpt bij rupsen overlast. Een jaar later bracht hij prachtige voeder vogelhuisjes mee om ze de winter mee door te helpen. Wat hebben wij en onze gasten genoten van alle prachtige vogels die hun weg naar de zaden vonden. Vorig jaar verraste hij ons met een vleermuizenhuisje en een vogelhuisje op palen. Hij had gezien dat er vleermuizen bij de Markslag vlogen die hun slaapplek achter de luiken van de boerderij waren kwijtgeraakt. Een nieuw onderdak was vast welkom en zo gemaakt zei Ton. Binnen een week was het vleermuizenhuisje bewoond.

En zoals voorgaande jaren kwam de familie ook dit jaar weer met de aanhanger vol fietsen het erf op rijden. Alleen nu had Ton er iets extra’s in vervoerd. Toen wij een kijkje kwamen nemen bleek hij een heel hotel te hebben gebouwd! Een insectenhotel wel te verstaan! Echt prachtig! Je ziet hoeveel liefde Ton in zijn werk stopt. En als je hem dan complimenten wil geven of belonen dan zegt hij iedere keer weer “ach, ik maak het van afvalhout in mijn vrije tijd’. Hij geeft liever dan hij ontvangt. Ton is een bijzonder mens met weinig wensen in het leven, hij heeft geen grote verhalen en laat zijn trots niet snel zien. Maar in zijn werk en zijn doen en laten merk je dat het een man is met een groot hart voor iedereen die hem lief is en vooral voor de natuur!

De Twentenaren zijn bekend met de oude historie van hun streek en de daaruit voorkomende tradities en gebruiken. De inrichting van het landschap in Twente met zijn coulissenlandschap van bossen, heide- en veengebieden afgewisseld door dorpen en steden hebben ook een verhaal. Dit voorjaar hebben wij Sophie Bous van Lonely Planet bij ons mogen ontvangen voor een reis door de geschiedenis van het oude Twente. Ze hebben vanuit Haaksbergen kennis gemaakt met het boerenleven, het nalatenschap van de textiel industrie periode en de puurheid van de Twentse natuur. Jesse Beil van restaurant Captain Jack in Buurse gaat met haar op pad. Sophie Bous begint haar verhaal als volgt ” Het zuidoosten van Twente, rondom de gemeente Haaksbergen, kent een interessante, soms ingewikkelde balans tussen heden en verleden en tussen mens en natuur. Ontdek de verhalen die door dit unieke, lege stukje Nederland meanderen als de Buurserbeek”. Dan vervolgt ze haar verhaal “In het zuidoosten van Twente krijgt de natuur stukje bij beetje de overhand. Boerenland wordt omzoomd door de voor de regio typerende houtwallen, die hier en daar overgaan in plukjes bos. Natuur en cultuur meanderen hier door elkaar, net als de Buurserbeek die de natuurgebieden in dit hoekje van Overijssel horizontaal in tweeën splitst; de natuurgebieden Buurserzand en Witte Veen ten noorden ervan, het Haaksbergerveen in het zuiden.

Met de fiets trekken ze door het landschap. Veel grasland, want de grond is hier voor veel landbouw niet geschikt. ‘Deze velden waren vroeger moeras,’ vertelt Jesse Beil. ‘En nu worden delen van deze velden weer teruggegeven aan de natuur, om langzaam opnieuw moeras te worden.’ Bij het begin van natuurgebied het Haaksbergerveen stapt hij af. ‘Dit wordt het Siberië genoemd,’ zegt hij en ik begrijp de gelijkenis. De omgeving oogt kaal in de winter, en is als je door je wimpers kijkt misschien zelfs toendra-achtig te noemen. ‘Omdat hier weinig beschutting is, kan het hier ook hartstikke koud zijn.’ Het is tegenwoordig het startpunt voor veel wandelroutes door het Haaksbergerveen, maar zo’n twee eeuwen geleden werd er in dit gebied nog hard gewerkt: er werd turf gestoken voor de textielindustrie. Het hoogveen bood een perfecte brandstof om de textielnijverheid, waar Twente al langer bekend om stond, tijdens de Industriële Revolutie te mechaniseren.

Vanaf de jaren 50 van de vorige eeuw heeft de natuur weer de ruimte gekregen in het Haaksbergerveen, maar de aandenkens aan de turftijd zijn voor de oplettende kijker nog te zien. ‘Het veen was als een soort sawa,’ zegt Jesse als hij weer opstapt om verder te fietsen. ‘Het werd opgedeeld in vierkanten, omgeven door dijken om de turf op te drogen te leggen.’ Hij wijst tussen een warrig begroeid stukje bos, waar een verhoging waar te nemen valt. ‘Daar kun je nog zo’n dijk zien.’ We passeren een moerassig landschap, met vlonderpaden over het veen en droge grassen. Dan weer rijden we door een stukje bos, waar het pad tussen de bomen slingert. Overal vinden we weer poelen en plassen, spiegelglad tussen het hoge gras, waarin het veenmos zich stukje bij beetje aan het herstellen is. ‘Turf ontstaat door lagen van veenmos die groeien en afsterven, waar bovenop weer een nieuwe laag mos groeit,’ legt Jesse uit. ‘Het doel is hier om uiteindelijk het veen weer te herstellen naar hoe het ooit was, maar dat gaat maar heel traag.’ Dat herstel is vanuit biologisch en historisch oogpunt interessant, maar heeft ook een positief effect op het milieu: hoogveen is in staat om veel CO₂ op te slaan. Toch betekent natuurherstel niet dat de natuur helemaal de vrije loop gelaten kan worden, want onder meer berken en vliegdennen verstoren de groei van het veen. ‘Die opslag wordt door vrijwilligers verwijderd,’ zegt Jesse. ‘Maar ook plaatselijk vee helpt door in deze gebieden te grazen mee.’

De natuur wordt in de omgeving verder ondersteund met een soort bufferzone, om de overgang tussen natuur en bewoonde wereld niet te abrupt te maken en daarmee wederzijdse invloed te voorkomen. ‘De buffer moet uiteindelijk een kilometer breed worden,’ zegt Jesse terwijl we het noordelijker gelegen Buurserzand in fietsen. ‘Dat is goed voor de natuur, maar kan voor boeren soms lastig zijn.’ Boeren moeten hun land verkopen of afstaan, wat pijnlijk kan zijn als dat land al generatieslang in de familie is, of als hele families zelfs herplaatst moeten worden. De balans tussen mens en natuur is hier precair. Ze fietsen 25 kilometer, pauzeren met zelf meegebrachte koffie en kruidkoek, en onderweg wordt het ondanks het mooie weer nooit echt druk; het lijkt alsof een klein stukje Nederland even voor hunzelf hebben. De dagen die volgen beschrijft Sophie voor Lonely Planet op een prachtige manier. Wil je meer lezen over de ervaringen van Lonely Planet in Twente dan lees hier verder.

Net terug van ons 4de verblijf bij Natuurlogies. Hoewel ik in Haaksbergen geboren ben, en ik het Witte Veen goed kende als prachtig natuurgebied op de Duitse grens, heb ik het de laatste tijd pas echt goed ontdekt, door onze vakanties bij Manon en Dirk-Jan.

De aanleiding van ons eerste verblijf was helemaal geen leuke. Mijn oude moedertje had een ernstige hersenbloeding gehad. We zochten op internet naar een huisje om dicht bij haar te kunnen zijn en vonden de Beekloft. Meteen voelde we ons welkom en thuis.

Inmiddels zijn we twee keer in de Beekloft geweest, een keer in de Heerenkamer en een keer in het Bakhuis. Het is moeilijk om een favoriet aan te wijzen, we ze hebben allen hun eigen charme en unieke ligging en uitzicht. We zijn er nu in alle jaargetijden geweest en elke keer is het adembenemend mooi daar. De herfst met z’n kleurenpracht en eerste vorst, de winter met z’n ‘witte wieven’ de lente met z’n korenbloemen en klaprozen, en de zomer met z’n zwemmen in de Buurse Beek.

We komen graag met onze pleegzoon Adam en zijn moeder en onze goede vriendin Nabila. Hij noemt het ‘het vossenhuis’ omdat we hem wijs hebben gemaakt dat er vossen om het huis lopen. We hebben er nog nooit een gezien, maar wel een ijsvogel, talloze uilen en grote grazers. We fietsen en wandelen of zitten te diep in de nacht te keuvelen onder de sterrenhemel. Of zwemmen in het Buursemeertje. Een bezoekje aan het kasteel in Bad Bentheim is zijn favoriet. De oude hessenweg heeft iets magisch. Alsof je de geschiedenis kan proeven.

We wonen al meer dan 25 jaar met veel plezier in de Jordaan in Amsterdam, maar het Twentse land blijft trekken. Op deze manier is de stad en het platteland goed te combineren. Mijn droom is nog altijd om met mijn broers en hun families alle huizen af te huren voor een lang weekend eten, drinken en praten over onze jeugd. Toen we als kleine jongens door het Buurse zand fietsen, met onze vader en moeder.

Manon en Dirk-Jan, bedankt voor dit paradijs dat jullie hebben gecreëerd, met comfort en stilte voor bezinning. We kunnen niet wachten tot onze terugkeer.

Veel liefs
Hans, Nabila, Adam, Chicooooo, Poppi en André Witbreuk

Het voorjaar en dan speciaal de maand mei is een bijzondere fraaie periode op erve Het Markslag in het gebied het Witte Veen. Het frisse groen van de diverse bomen, de zang van de boompieper en het dartelen van de vlinders die op zoek zijn naar nectar, een waardplant of een partner. De boomkikkers laten zich weer volop horen en ook de hagedissen weten de zon te waarderen. De Heerenkamer is een perfecte locatie als startpunt voor diverse wandeltochten in de natuur: over het Witte Veen of langs de Buursebeek. Maar dit jaar kwam de natuur ook naar ons toe!

De rugzak van vriendin Wilma stond lekker in de zon in het halletje van De Heerenkamer. Dat had een hagedis ook in de smiezen en zat zich lekker op te warmen.
In eerste instantie dacht ik dat het een zandhagedis was – die kom je in de kustduinen van Noord-Holland waar wij wonen regelmatig tegen – maar de kop van dit beestje is kleiner.
Het is een ‘levendbarende hagedis’ volgens Ravon, de organisatie die onderzoek doet naar reptielen en amfibieën. En nog niet eerder gefotografeerd in het gebied van het Witte Veen. Deze heeft een stompe staart. Als overlevingsstrategie heeft het een stuk van zijn staart laten vallen, bijvoorbeeld wanneer een roofvogel de hagedis probeerde te vangen.
Ik ben benieuwd wat we volgend jaar tegenkomen op Het Markslag.

Ik ben in veel opzichten geen avonturier. Vroeger wel maar nu niet meer. Ik heb bijvoorbeeld een auto en een fiets die vooral praktisch moeten zijn. Geen toeters en bellen. Mijn man heeft een motor. Daar hoef je bij mij niet mee aan te komen. Toen vertelde mijn buurvrouw dat ze bij ons in de buurt sinds kort e-choppers verhuren. “Dat zijn toch elektrische scooters maar net iets anders vroeg ik haar? Probeer het maar eens zei ze, dan kun je het zelf ervaren!” Om haar niet het idee te geven dat ik er weinig zin in had, heb ik al mijn moed bij elkaar verzameld en afgesproken een proefrit te maken. Kort daarna stond ik bij tourenintwente.nl voor de deur. Ik zag voertuigen staan die vooral NIET leken op de elektrische donkergroene Felix scooters die ik overal zie. Het waren stoere zwarte voertuigen in verschillende formaten. Moest ik hier een rit gaan maken?! Na een keer flink slikken en diep zuchten ben ik op de verhuurder afgestapt en even later volgde een uitleg. Een e-chopper is een elektrische chopper. Hij heeft het uiterlijk van een Harley Davidson, rijdt als een scooter en is dus super simpel om te besturen: je geeft gas met je hand en je remt met handremmen. Geen motor rijbewijs, geen speciale kleding en geen helm nodig! Ik kan kiezen tussen het stoere Harley Davidson model of de vrouwvriendelijke lage instap chopper met extra brede banden. Geef mij maar de lage instap chopper. Dat past nog een beetje aan bij mijn praktische instelling. Ik kan kiezen uit routes met verschillende afstanden. De choppers kunnen makkelijk een afstand tussen de 45 en 80 km afleggen. Alleen ik wil met zo’n ding echt niet zonder batterij stil komen te staan. Dus ga ik voor een 30 km route van de ANWB. De sleutel omdraaien en rijden maar. Wat een ervaring! Bijna geruisloos glijd ik door het Twentse landschap. De chopper gaat ongeveer 25 km per uur. Het is even wennen met brede banden te rijden. Je moet de bochten iets ruimer nemen maar het rijden met brede banden zorgt voor een heel stabiel gevoel. Na een paar minuten ben ik gewend aan de rijstijl, en dan is het heel relaxed touren. Ik heb een anderhalf uur lange mooie tocht gemaakt over smalle weggetjes, langs boerderijen, natuur en watermolens. Onderweg op het terras van Captain Jack geniet ik van mijn nieuwe ervaring met een gratis kop koffie. Echt een super leuke dag die ik zeker niet had willen missen! Samen is het nog leuker en juist voor mannen is dit iets wat je gewoon wilt uitproberen in je vakantie of met vrienden als je een uitje organiseert. Voor meer informatie kijk op www.tourenintwente.nl en boek online.

Toen ik vorige maand voor de tweede keer op ’t Markslag aankwam vroeg ik af welk geluid mij nu zou verrassen.
In november waren het de bijna dagelijks overtrekkende kolganzen die in de vroege avond over de Heerenkamer vlogen. Een kwartier lang genieten van het kenmerkende wat hoge hese geluid. Van rechts naar links – van het water naar de graslanden – vlogen wel honderden ganzen over. Een schitterend geluid. En daarna werd het weer stil.
Maar in april bleef het in de avondschemering rustig. Heerlijk stil: geen auto’s, geen vliegtuigen. Genieten van de stilte, en dat op ruim een uur afstand van de drukke Randstad. Maar toen ik naar bed ging, hoorde ik een geluid dat ik niet direct kon thuisbrengen. Het leek op gekwaak, maar door welk dier: kek, kek, kek ging het in koor. Toch nog even de wandelschoenen getrokken om te horen waar het geluid nu precies vandaag kwam. De poel langs de weg, bij het uitzichtpunt, blijkt het territorium van de boomkikker. Soms zwakt het geluid wat af, dan zwelt het weer aan. Het concert duurt circa 2 uur, daarna hadden de mannetjes blijkbaar hun vrouwtje gevonden. Terug naar de stilte van de Heerenkamer en lekker geslapen met in de verte af en toe het geluid van de bosuil.

In september ga ik weer. Wandelschoenen, verrekijker en de opnameapparatuur gaat natuurlijk mee. Want ik laat me heel graag weer verrassen door de natuur rond de Heerenkamer en het Bakhuus.

Slapen aan de rand van een natuurgebied: wie wil dat nu niet?

Je moet er wel wat voor over hebben want het is een behoorlijk stukje rijden vanaf de Noordzeekust waar ik woon. En wanneer je de Buurserbeek bent overgestoken moet je zo lang de Markslagweg afrijden, dat je denkt: ‘ik zit fout, hier is het niet’. Gewoon doorrijden. Op eens doemt de oude werkschuur van Natuurmonumenten, de Hallenboerderij, het Bakhuus en de Heerenkamer aan je linkerhand op. Idyllisch gelegen in het bos en aan de rand van de Marke, de voormalige gemeenschappelijke landbouwgronden, nu natuurgebied het Witte Veen.
Heerlijk rustig, zo op het eerste gezicht.

Totdat het donker wordt. In de maand november kan je bijna de klok erop gelijk zetten. Het begint met een enkel vogel, dat al gauw aanzwelt en er groepen van wel 200 kolganzen luidt snaterend overvliegen. Je ziet ze niet, je hoort ze wel. Een relatief hoog geluid: kolganzen. De voorstelling duurt een kwartier en daarna keert de rust weer terug. Ben je n het vroege voorjaar dan hoor je ’s nachts de Bosuil roepen. Het bekend uilengeluid van het mannetje of het toch wat hysterisch gekrijs van vrouw bosuil.

De oudste gebieden in Twente zijn de hoogveengebieden. Hoogveen is een hele zeldzame grondsoort. Langs de Duitse grens liggen er een aantal van deze bijzondere gebieden.

Witte Veen: Witte Veen was vroeger een geliefde grensovergang voor smokkelaars. Ook nu moet je voor de mooie rondwandeling even de grens over. Witteveenweg, Haaksbergen

Haaksbergerveen: Drassig hoogveen en uitgestrekte weidse heidevelden, afgewisseld door bosjes en graslanden. Hier is de schaapskudde van Haaksbergen te vinden. Niekerkerweg, Haaksbergen

Het Aamsveen: In het Aamsveen vind je naast afgegraven hoogveen ook natte broekbossen, heidevelden, veenputten en schraalgrasland. Aamsveenweg, Enschede

Het Zwillbrock: . Het bestaat uit bos-, veen- en moerasgebieden en is het overblijfsel van een voormalig veel uitgestrekter hoogveengebied, dat sinds 1985 beschermd natuurgebied is. Het gebied ligt aan de Duits-Nederlandse grens tussen Vreden (D)en Winterswijk (NL). Net geen Twente meer maar zeker de moeite waard om te bezoeken. Hier vind je jaarlijks in het broedseizoen een hele kolonie felroze flamingo’s op het flamingo eiland. Zwillbrock, Duitsland

Al deze natuurgebieden zijn onderdeel van het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden Natura2000.

Lesje aardrijkskunde

Even opfrissen: de meeste van deze gebieden zijn tussen 10 – 5.000 jaar voor Christus gevormd en zijn uniek vanwege hun vrijwel ongeschonden overgang – oftewel laggzone – tussen het hoogveen en de beekdalen. Veen bestaat uit restjes dode planten die niet verteerd zijn omdat ze onder water staan en er geen lucht bij kan. Op die dode laag groeit weer een nieuwe laag planten. Die sterft ook weer af. Zo ontstaat veengrond. Laagje voor laagje. Je herkent het, anders dan klei of zand, aan het meeveren. Alsof je over een supersized matras loopt. Laagveen is ontstaan in grondwater en dus onder het grondwaterniveau. Hoogveen juist daarboven. Omdat regenwater op die plekken niet kon wegzakken. Hoogveen gebieden zijn in staat hoge hoeveelheden stikstof (bijna 80%) uit de lucht te halen. In het kader van de klimaatverandering is het dus heel belangrijk de hoogveengebieden te beschermen. Vernatting van deze gebieden kan o.a. hieraan bijdragen.

Tip: In het hoogseizoen (mei tot en met oktober) is er de mogelijkheid om een mee te lopen met de herder in Haaksbergen. 053 – 572 28 11 / www.haaksbergennatuurlijk.nl

Mijn vrouw Jolanda en ik komen al een aantal jaren graag naar Buurse om te genieten van de rust, de natuur, de typische oude stadjes, kastelen en landgoederen in Twente. Sinds kort zijn wij de trotse eigenaren van onze Hongaarse rashond  “Toby”. Tijdens onze eerste vakantie met Toby in Buurse was ik bezig met zijn training (het speuren van objecten) op het erf bij de schuur.  Alles verliep rustig en precies zoals hij het had geleerd. Totdat hij zich het verhaal herinnerde van Manon over de Römertopf kip die eigenlijk geen römertopf kip was maar vermoedelijk een oude taaie geëmigreerde Oost-Duitse soepkip van circa 2 kg. Toby kreeg ineens medelijden met Manon en kwam op het lumineuze idee om voor haar een verse kip te gaan vangen. Met die vangst kon Manon  toch nog voor een geslaagde maaltijd zorgen. Omdat er op het erf een flink aantal kippen rondlopen zag Toby zijn kans. Hij was er als de kippen bij. Dus Toby lekker in de benen en even een kip geselecteerd die hij zou apporteren. Echter zo makkelijk laat een toekomstige soepkip zich niet vangen dus vlogen kip en Toby over het erf achter elkaar aan. Het dak van de boerderij, De Heerenkamer en Het Bakhuis, de kip en Toby hebben alles in een flash voorbij zien vliegen!

Naast een gillende en kakelende kip liep er ook nog een andere kip zonder kop achter de 2 aan, namelijk mijn vrouw Jolanda. Ja want wie had verwacht dat Toby vanaf de weg zomaar achter de kip aan zou rennen en hoe stop je dit? Ondertussen schoten ze over de heg, door de heg en oeps daar had Toby de kip bij zijn kont of staart. Maar de kip was niet bang en wist zich los te rukken, gelukkig!

De schade: een kip die in haar imago is gekrenkt want ze had geen veren meer in haar kont. Toby teleurgesteld omdat het vangen van een kip voor Manon niet gelukt was en Jolanda en ik die een hartslag van 250 / 160 hadden en met het schaamrood op onze wangen het hele tafereel stonden na te beleven.

 

 

 

Onze vakantieplannen voor dit jaar waren aanvankelijk op het buitenland gericht. Maar helaas gooide de Corona crisis roet in het eten. Gelukkig vonden mijn vriend en ik na flink zoeken een mooi natuurhuisje in het Twentse Buurse.

De weersvoorspellingen zagen er somber uit in de week dat wij op vakantie zouden gaan. Grijs en motregen voor meerdere dagen. Typisch Nederlands zou je zeggen. Maar met een heerlijke kachel en ruime huiskamer in de Beekloft besloot ik mijn auto vol te pakken met veel spullen waar ik mee aan de slag kon gaan. Dus ook een berg met naai klusjes, met een naaimachine en naaidoos. Fijn om op zo’n regendag met de kachel en een muziekje aan alles te kunnen afmaken waar ik thuis maar steeds niet aan toe kwam. Gitaar en accordeon ook in de achterbak; ik wilde die stukken die nog niet zo lekker liepen goed doorspelen. Bij de kachel….

De fiets ging ook mee. Zo kon ik , wanneer het even droog zou zijn, de omgeving gaan verkennen. Toen we in Buurse aankwamen stond ons een fijne en hartelijke ontvangst te wachten, een heerlijk huis en….het regende niet! Wat hadden we daar een prachtige zonnige week. Geen drup regen gezien, alleen Dirk-Jan die de rododendrons sproeide. We hebben gefietst, gewandeld, genoten van alle vogels, het vele groen en de bloemen. En voor ons als stadsmensen is de stilte zo fijn!

En die volle achterbak dan? Ik heb buiten aan de picknicktafel genoten: naaimachine erop, verlengkabeltje in het buiten stopcontact, parasol ernaast en een koud biertje tussen de garenklosjes.

We konden iedere dag buiten ontbijten en als we al binnen waren gooiden we lekker de tuindeuren open. Alleen in de avond de kachel even aan. Voor het slapen buiten nog even de sterren tellen  Véél meer dan thuis in het midden des lands.

Zo dachten we de zon van Calabrië en alle buitenlucht van de wandelingen te moeten missen, zo vonden we die hier onverwachts terug.

Het was fijn, we hebben genoten!

Voor exotische taferelen hoef je niet urenlang te vliegen. Fiets in de zomer door Zuid Twente, de Achterhoek en door Duitsland. Met een beetje geluk zijn de eerste exotische gasten al gesignaleerd . De Flamingo’s! De loop van de Flamingoroute is bij de kruispunten en knooppunten in beide richtingen aangegeven met een roze flamingo.

Prachtige natuur 

Het eerste wat ons opvalt vanaf ons verblijf in Buurse bij Natuurlogies op Erve ’t Markslag is de stilte! Geen mens te zien, wel dieren zoals de reeën en de schotse Hooglanders. We fietsen naar het oosten over de grens met Duitsland. Het landschap ziet er hier anders uit. Smalle weggetjes met typisch Duitse huizen, waar we kilometers lang geen auto tegenkomen. Op kruispunten staan Mariakappelletjes met brandende kaarsjes en boeketjes bloemen als enige teken van leven. Het eerste plaatsje dat we bezoeken is Lünten. Op het terras van het café zit een groepje bejaarde mannen die ons vriendelijk begroeten. De route leidt ons door het beschermde natuurgebied Luenterner Fischteig. We stoppen even om de massa vogels te bewonderen die hun voedsel uit het water van de Teig halen. Daarna fietsen we verder door het grensgebied. We komen in het veengebied van het Nederlandse Haaksbergen. Een uitgestrekt natuurgebied met een kronkelend fietspad door veen, water en bossen. Ook hier worden we begroet. Dit keer mekkerend door een kudde schapen die het gebied begrazen.

Vakantiegevoel

We fietsen verder en komen aan in het Duitse grensdorpje Oldenkotte. Een authentiek klein dorpje met een grote kerk, een café, restaurant en een hotel. Meer hebben ze hier niet nodig. Het dorpsplein wordt druk bezocht door fietsers en toeristen die hier komen genieten van de typische Duitse sfeer. Wij besluiten ook plaats te nemen op het terras en een heerlijk Duits biertje te bestellen. Onze dorst gelest en onze buik gevuld te hebben met Duits Bauernbrot stappen we met zware benen weer op de elektrische fiets. Wat een uitvinding!

Vogels waren gevlogen

Bijna vanzelf fietsen we door naar het Zwillbrocker Veen. Daar schijnen al sinds de jaren tachtig flamingo’s op te houden, maar jandorie, niet vandaag! Een man haalt zijn schouders op. ’Die beesten willen ook wel eens een dagje uit’, lacht ie en vervolgt zijn weg. Wij besluiten niet tot morgen te wachten en fietsen naar het bezoekerscentrum van het Biologische Station Zwillbrock. Hier vinden een tentoonstelling over de noordelijkste broedvogelkolonie van flamingo’s in Europa.

Mondriaan

We stappen op de fiets en volgen de route naar het Achterhoekse Winterswijk. We komen langs de buurtschap Meddo en recreatiegebied ’t Hilgelo. Winterswijk is volgens Achterhoekers één gruttersbedrijf geworden vanwege de onwaarschijnlijke hoeveelheid Duitsers die de stad bezoeken. Tijdens ons bezoek merken wij daar weinig van. De stad is zeker een bezoek waard vanwege zijn bekende Jacobus kerk. De oude panden aan de Nieuwstraat in Jugendstil en de verblijfplaats van schilder Piet Mondriaan. De schilder die van blokjes en streepjes in primaire kleuren kunstwerken heeft gemaakt. In het museum Villa Mondriaan krijgen wij een uitleg over zijn schilderijen. Als we zijn vroegste werken, natuurgetrouwe tekeningen en schilderijen bekijken, begrijpen we dat achter de man van blokjes wel degelijk een groot kunstenaar schuilgaat. In het centrum van Winterswijk genieten we op de markt van een overheerlijke Italiaanse sorbet van ijssalon Talamini. Wat een genot op deze exotisch warme middag! Op onze terugweg hopen we de witroze famingo’s alsnog tegen te komen. Helaas, de vogels laten zich niet zien. Morgen hebben voorbijgangers waarschijnlijk meer geluk!

Ieder seizoen de leukste inspiraties ontvangen?
X